Het verhaal van Spike.

Door Elly en Dante met de medewerking van Tom Hendickx.

Ons verhaal begint op 18 juni 2010. Ons meisje ligt in een diepe slaap in haar mandje. De deurbel gaat. Ze veert recht en spurt naar de voordeur. Plots stopt ze en valt om. Even blijft ze roerloos liggen. Je denkt meteen aan het ergste. Je neemt ze voorzichtig in je armen. Ze komt terug bij bewustzijn, kijkt even verdwaasd voor zich uit, geeft een diepe zucht en geen 10 tellen later is alles terug normaal.

Omdat ze al een aantal jaren een kleine hartafwijking heeft, die trouwens door medicatie perfect onder controle is, ga je de oorzaak van dat flauwvallen in die richting zoeken. Een bezoek aan Ann, onze dierenarts, wijst niets speciaals uit. De dagen die volgen hou je ze wat meer in het oog, maar alles blijkt normaal. Wat we wel merken is dat ze iets minder actief is, sneller moe is tijdens het wandelen, iets meer slaapt. Je denkt o.k., ze zal zich wel wat vergaloppeerd hebben tijdens die spurt naar de voordeur – ze is tenslotte geen jonge dame meer – we zullen het wel iets rustiger aan doen. Verder is er niets aan de hand.

Alles verloopt ruim vijf maanden goed tot ze begin december zonder aanleiding weer flauwvalt. Weer hetzelfde scenario en even snel terug normaal. Bij het bezoek aan onze dierenarts Ann Drieskens wordt deze keer bloed afgenomen. Uit het bloedonderzoek blijkt dat ze te weinig witte bloedlichaampjes heeft. Ann vertelt ons dat dit verschillende oorzaken kan hebben, gaande van een infectie, al dan niet parasitair, tot in het slechtste geval kanker. De volgende dagen valt ze nog een paar keer flauw. Het resultaat van een volgend bloedonderzoek wijst uit dat de situatie snel verslechtert. Er moet dringend ingegrepen.

We worden voor verder onderzoek doorverwezen naar dierenarts Tom Hendrickx in Hasselt.

Dierenarts Tom :

Spike, een bijzonder lieve Jack Russell Terriër, was al een tweetal jaren bekend met een lekkende hartklep, misschien was daar wel de reden te vinden van het sporadische flauwvallen? Ze was op dat moment bijna 10,5 jaar oud. Echter, na enkele hartonderzoeken (röntgenfoto van de borstkas, EKG, echo) bleek er geen aantoonbaar hartfalen te zijn dat de klachten kon verklaren

Waar kwam het flauwvallen dan wel vandaan kwam? De voorafgaandelijke bloedonderzoeken vertoonden een vreemde, gestaag dalende trend in de witte bloedcellen, maar verder waren er weinig aanwijzingen. Dit was de enige houvast die we hadden. Jammer genoeg hebben we in de diergeneeskunde géén tumormarkers in het bloed, zoals die bestaan voor de mens. Dat is een veel voorkomende misvatting bij huisdiereigenaars : als dierenarts kunnen we kankers niet vaststellen in het bloed !! Dit is een flinke tekortkoming in ons werk als dierenarts, zeker als je weet dat we zoveel kankerpatiënten zien…

We besloten om met het echotoestel ook de buik te bekijken. Er waren heel subtiele vlekjes te zien op de milt en in de lever. Puncties van beide organen (die Spike trouwens zonder narcose toeliet), leverden weinig bijkomende informatie op. Echter, onzuiverheden op de milt bij een echo-onderzoek, betekenen vaak dat er reden genoeg is om over te gaan tot het wegnemen van de milt. Dit was voor de baasjes van Spike geen makkelijke beslissing om te nemen. Er waren méér vragen dan antwoorden.

Een snelle beslissing dringt zich op. Spike is er slechter aan toe dan het in eerste instantie lijkt. Ze gaat de volgende dagen snel achteruit.

De periode die daarop volgt is er een van vreugde en verdriet, van hoop en van angst, van liefde voor je dier, een periode waarin je jezelf een beetje beter leert kennen, een periode waarin je beslissingen moet nemen die je liever niet zou moeten nemen, van slapeloze nachten waarin je alles in vraag stelt, een periode met vele tranen waar je doorheen moet.

Als dierenarts was ik Elly en Dante erg dankbaar voor het vertrouwen dat ze in ons stelden om toch voor die operatie te kiezen, ondanks de tegenargumenten (die er eigenlijk altijd zijn – leeftijd, hartprobleem, slechte bloedwaarden, noem maar op…). Deze operatie bleek achteraf wel de hoeksteen van alle verdere stappen in de behandeling van Spike en was op die manier van primordiaal belang.

De operatie is voorzien op 23 december. Omdat haar witte bloedlichaampjes gevaarlijk laag gezakt zijn moet ze de avond voordien al binnengebracht. Ze kreeg via een infuus de nodige medicatie en wat bloed bij om aan te sterken voor de operatie. Met een bang hartje lieten we haar daar achter. We vroegen of we er misschien bij moesten blijven. Dit was niet nodig, er was permanente bewaking, ze was in goede handen. Toch was dit voor ons niet vanzelfsprekend. Het viel ons zwaar om haar daar alleen achter te laten. Ze was nog nooit een nacht van huis zolang we haar hadden. Net nu ze zo ziek was en ons nodig had lieten we haar alleen achter. Zou ze de morgen halen? Ze was zeer zwak en keek ons aan met zielige oogjes. Met een krop in de keel hebben we ieder voor zich afscheid van haar genomen. De terugreis naar Lommel verliep in alle stilte. De tranen liepen over onze wangen. Het gevoel van machteloosheid en onbegrip overheerste.

Na een slapeloze nacht kregen we het verlossende telefoontje van de dierenartsenpraktijk. Spike had de nacht goed en rustig doorgebracht en was voldoende aangesterkt om de operatie te ondergaan.

We besloten om meteen naar Hasselt te rijden, kwestie van in de buurt te zijn mocht er toch iets misgaan tijdens de ingreep. We waren net een kaarsje gaan laten branden bij het Heilig Paterke van Hasselt, toen we een telefoontje kregen van de praktijk. De ingreep was succesvol verlopen en Spike was aan het recupereren. We mochten over een uurtje komen. We hebben haar vluchtig mogen zien, ze sliep nog vast, maar gaf een vrij rustige indruk. Tom heeft ons nog wat uitleg verschaft en zijn toen met een gerust gevoel naar huis gereden. We waren blij dat het allemaal goed verlopen was.

Bij de operatie werd de volledige milt verwijderd en namen we ook een biopt (blokje) van de lever. Met het blote oog zagen we aan de buitenkant geen afwijkingen aan beide organen. De recovery van de operatie verliep voorspoedig. Eigenlijk was Spike een sterk hondje.

We moesten voor de verdere therapie van Spike weten wat er juist met die milt aan de hand was. Histologisch onderzoek is zo ongelooflijk belangrijk voor ieder gezwel, knobbeltje of twijfelachtig orgaan. De stalen werden opgestuurd naar dr. Hilde De Cock van het AML in Antwerpen.

Daags nadien, mochten we haar gaan halen. Het was kerstavond. Ze was nog heel zwak. De operatie had heel veel krachten van haar gevergd. Het geplande Kerstfeestje met de kinderen en kerstavond met de familie werden afgelast. Iedereen was het met ons eens. Het herstel van Spike kwam op de eerste plaats. Ik herinner me nog de woorden van Tom: ”Neem ze maar gauw mee naar huis, dit is geen hondje om alleen hier te laten. Ze zal sneller genezen in jullie vertrouwde omgeving.” Het werd de eerste kerst zonder familie. Alles draaide om haar. We hebben innig met ons meisje de kerst gevierd. Het is de laatste kerst met Spike geworden. De dagen nadien fleurde ze zienderogen op. Na enkele dagen sprong ze al terug in en uit haar zetel, ze at heel goed en bruiste terug van energie. Zelfs haar bloedcellen waren op een paar dagen weer naar een normaal pijl gestegen. Het geluk lachte ons toe. Onze kleine meid zat weer vol energie.

Bijzonder was dat bij de eerste bloedname na de operatie, de witte bloedcellen, die gevaarlijk laag waren gezakt, meteen terug tot normale waarden gestegen waren. De milt is een orgaan dat een rol speelt in het verwerken en opruimen van bloedcellen (een soort container- en recyclagepark voor bloedcellen). Het is een orgaan waar een lichaam, zij het nu van mens of dier, makkelijk zonder kan.

Een kleine week later kwam de uitslag van het onderzoek van de milt. Die uitslag wees uit dat Spike aan lymfeklierkanker (lymfoma) leed. Ons kaartenhuisje stuikte in elkaar. Hoeveel tijd rest haar nog? Gaat ze veel afzien? wat kunnen we nog doen? is dit het dan? Het kan toch niet waar zijn, zie eens hoe levendig en speels ze is. Je wil dit niet aanvaarden. We hebben toen een lang gesprek gehad met Tom. Hij heeft ons toen uitgelegd welke mogelijkheden er waren en waar we voor stonden. Wat hij wel dadelijk heeft gezegd was dat Spike vroeg of laat de strijd tegen kanker zou verliezen. Hij gaf ons duidelijk geen valse hoop.

Lymfeklierkanker – of lymfoma – is een kanker die zijn oorsprong vindt in de lymfocyten. Dit zijn witte bloedcellen, die onder normale omstandigheden perfect hun werk doen in de afweer van ons lichaam. Echter, wanneer deze cellen tumor worden, ontstaat er lymfeklierkanker. De meest typische vorm doet zich voor als er enkel opgezette lymfeklieren voorkomen in keel, schouder, liezen, knieholtes… Soms zijn ook de lever en de milt erin betrokken. Lymfeklierkanker beschouwen we als een systeemkanker, dwz. het hele lichaam is er vanaf dag 1 in betrokken. Daarom spreken we bij deze kanker ook niet van uitzaaiingen. Daarnaast zijn er ook vormen van lymfeklierkanker waarbij enkel de huid of enkel het maagdarmstelsel betrokken is. Vermoedelijk zijn er op DNA-niveau nog veel meer vormen dan we tot nu toe kennen.

Bij Spike ging het om een ontypische vorm van lymfeklierkanker, omdat de lymfeklieren eigenlijk niet opgezet waren en omdat de tumorcellen in kleine eilandjes voorkwamen in lever en milt. Daarnaast ging het hier om een T-cel lymfeklierkanker, een meer kwaadaardigere vorm in vergelijking met een B-cel lymfoma.

Wat gingen we nu doen? Niets doen was geen optie, dan had ze maar een paar weken meer te leven. Daar was onze Spike ons veel te dierbaar voor. Ze was niet enkel ons hondje. Ze was een volwaardig lid van het gezin. Nu onze kinderen de deur uit waren was ze meer en meer “onze kleine meid” geworden. Overal was ze erbij, in huis was ze letterlijk het zonnetje en plots zou dit alles weg zijn. Dit konden en mochten wij niet met lede ogen laten gebeuren.

Toen hebben we ons afgevraagd, wat zouden we destijds gedaan hebben indien we te horen kregen dat één van onze kindjes… Als ouder grijp je dan iedere kleine kans, hoe klein ook, ieder klein percentje om je kind te redden. We hebben ons hart gevolgd en besloten om er toch voor te gaan. Sommigen zullen denken, je kunt je kind toch moeilijk vergelijken met je huisdier. Maar daar gaat het dus niet over. Wij willen alleen maar zeggen dat wanneer je zielsveel van iemand houdt, waar je dan ook nog eens zoveel liefde en affectie van terugkrijgt, het heel moeilijk is om te aanvaarden dat hij of zij er morgen niet meer zal zijn. Dit doe je niet voor jezelf, maar gewoon uit liefde voor een levend wezentje, in de hoop het te redden.

De vraag kwam : wat nu ? niets doen ? palliatieve behandeling ? of toch chemotherapie ? In principe lagen de kaarten er slecht voor. Toch werd in overleg gekozen voor een behandeling met chemotherapie. Deze keuze voor wel of niet behandelen kent véél méér aspecten dan enkel de droge wetenschappelijke feiten. Vaak spelen emotionele, familiale en andere factoren een belangrijke rol. Ik zal nooit de woorden vergeten van het baasje van een andere hond van 14,5 jaar oud met ook lymfeklierkanker, die me zei : “Ik kan toch niet gewoon zeggen, we doen niets meer; ga jij maar dood…” (zijn hondje is trouwens bijna 15,5 jr geworden!).

In laten slapen was misschien de gemakkelijkste oplossing, maar op dat ogenblik voor ons geen optie. De toestand van Spike was toen dermate verbeterd, dat zelfs de dierenartsen suggereerden om niet meteen daar voor te kiezen. We zouden achteraf met de vraag zitten van wat als, en waarschijnlijk het schuldgevoel krijgen van niet alles er voor gedaan te hebben. Na wat speurwerk op het internet zijn we op het succesverhaal van Ben gestoten, een Rottweiler, die ook lymfeklierkanker had en ook bij Tom in behandeling was. Ben werd succesvol behandeld met chemotherapie en leeft nu ondertussen al méér drie jaar langer. Na nog een grondig gesprek met Tom stond ons besluit vast. We kozen voor de chemotherapie.

Er werden duidelijke afspraken gemaakt. De levenskwaliteit van Spike stond op de eerste plaats. Ze mocht in geen geval pijn lijden. Tom beloofde ons dat in tegenstelling tot mensen, een hond meestal niet ziek wordt van de chemo en er nauwelijks iets van merkt. We spraken ook af dat indien de eerste chemo niet dadelijk zou aanslaan, of ons hondje er toch ziek van zou zijn, om de behandeling direct stop te zetten en over te schakelen op de comforttherapie. De afspraak voor de eerste chemotherapie werd gemaakt. Met een bang hart begonnen we eraan.

De bedoeling was om Spike 6 keer een baxter te geven. Hierna zouden we zien waar we stonden. Zoals gezegd verdragen dieren chemobehandelingen goed, zonder de bekende neveneffecten van braken en haarverlies, zoals bij de mens. Ook bij Spike was dat het geval. Bijzonder was dat Spike zich na de eerste chemobehandeling vrij snel goed voelde, zelfs beter dan de maanden voorheen. We moeten in ons achterhoofd houden dat, ondanks het operatief verwijderen van de milt, de lever nog steeds bezaaid was met tumorcellen. Ik heb nog altijd het gevoelen dat we met de eerste chemo’s deze tumorcellen drastisch hebben kunnen doen verminderen. Hierdoor verbeterde de kwaliteit van leven van Spike meteen. Ook de initiële problemen van flauwvallen bleven een tijdlang achterwege.

De behandeling verliep veel vlotter dan we hadden gedacht. Het hele gebeuren duurde niet méér dan 10 minuutjes. Spike reageerde heel positief op de medicatie, alsof er niets gebeurd was. De chemo sloeg zeer goed aan. Spike was weer levenslustig, at heel goed, ging graag terug wandelen, speelde met de bal, rende als vroeger in het bos, onze Spike was duidelijk terug. Ook de resultaten van de tussentijdse bloedonderzoeken waren o.k. De witte bloedcellen zaten terug op een normaal niveau. Ze maakte ook helemaal geen koorts. Alles verliep positief. Zelfs het naleven van bepaalde voorzorgsmaatregelen in de eerste dagen vielen heel goed mee.

In ons achterhoofd wisten we dat ze niet kon genezen, je kon alleen maar hopen dat de kwaliteit van leven lang zo mocht blijven. Hoeveel tijd ze nog in ons midden zou zijn, 6 maanden, een jaar, twee, dat kan je niet voorspellen, daar bestaat helaas geen glazen bol voor. We konden alleen maar hopen. We zeiden tegen elkaar, elke maand is er eentje meer, en ze zeggen dat één jaar gelijk is aan zeven hondenjaren, dan tellen we nu ook maar zo.

We gingen vanaf toen ook intenser met haar bezig zijn. Ze werd uiteraard wat meer in de watten gelegd, kreeg al eens een kippenfilet of wat pasta met wat kippenbouillon om nog sneller aan te sterken. Ze liet zich alles welgevallen en kwam zelfs een half kilootje aan van al dat lekkers. Ze was actief als vanouds, wandelde enthousiast mee, deed het zeer goed, we waren gelukkig haar zo goed te zien evolueren. We begonnen plannen te maken voor na de 6de en laatste chemo.

Helaas, na de 4de chemo ging Spike wat achteruit, ze was weer sneller moe bij het wandelen, bleef meer in haar mandje. Stiekem hoop je dat ze zich zal herpakken, je denkt “ze zit in een dipje”. Maar kort voor ze de 5de chemobehandeling moest krijgen, begon ze weer flauw te vallen. De kanker stak weer de kop op. Haar bloedwaarden waren weer fors gedaald. Ze was te zwak om die 5de chemo te krijgen.

Als kankerbehandelende dierenarts bekijk ik deze therapieën als het plaatsen van hindernissen tegen een ziekte die zich wil uitbreiden. De agressiviteit van de kanker bepaalt hoe snel de kanker over deze hindernissen springt, en dus hoe succesvol de behandeling is.

Vanaf dat moment werd de behandeling palliatief en zodoende verlegd naar comforttherapie; dwz. pijnbestrijding en ‘feel good’ medicatie.

Vanaf toen is het vrij snel bergaf gegaan met ons meisje. Eten deed ze minder, wandelen ging steeds moeilijker, ze sliep veel. De cortisone deed zijn werk naar behoren, ze had wel wat goede momenten, toch zagen we in haar oogjes dat de levenslust er uit was. Ze gaf stilletjes de strijd op.

Op maandag 4 april hebben we voor het laatst een wandeling gemaakt in het Kattenbos, haar bos, de plek die ze zo goed kende, waar ze zo graag was. Ze was die ochtend zoals altijd heel enthousiast bij het gerammel van haar leiband. Ze ging heel overtuigd naar de deur, stapte vastberaden in de auto, lekker opgewonden, want dat betekende wandelen in het bos. Snel bij Ann even navragen of het wel kon. Laat ze maar lekker doen, zei Ann, ze geeft zelf wel aan indien het niet gaat. Met het bekende spurtje stoof ze in het bos, even snuffelen, het verplichte plasje, we waren vertrokken. Het zag er allemaal prima uit maar algauw liet ze verstaan dat het niet meer ging. We hebben haar opgepakt en de wandeling verder gezet met ons meisje op de arm, langsheen de paadjes waar ze anders zo kon hollen. We hebben nog een paar foto’s genomen met haar hoofdje dicht tegen ons aan. We keken naar elkaar en wisten, dit was de laatste wandeling, hier stopt het. Onze tranen kregen de vrije loop.

Woensdag 6 april zijn we nog voor de laatste maal bij Tom langs geweest. Ze had sinds maandag veel geslapen, kwam bijna niet meer uit haar mandje. Tom zei toen: “Wacht niet te lang, nu kan het zeer snel gaan, maximaal een dikke week, geniet intens van haar laatste dagen. Beslis op tijd, zodat ze geen pijn hoeft te lijden.”

Het is op die momenten dat je je als dierenarts moet neerleggen bij de beperkingen van de (dier)geneeskunde; maar het voelt toch altijd aan als een nederlaag, zondermeer. Je weet dan dat het waarschijnlijk de laatste keer is dat je Spike nog zal zien.

’s Anderendaags had ze weer meer levenslust, een laatste opflakkering bleek achteraf. Iedereen is nog afscheid van haar komen nemen. Ons kleinzoontje Vince had zelfs een koekje en een knuffeltje meegebracht. Ook haar vriendinnetje Tessa kwam recht van de school nog even langs. Ze had in de klas een afscheidsbriefje voor haar speelmaatje gemaakt. Diezelfde avond werd Spike heel onrustig, ze weigerde haar medicatie en wou niet eten. Tijdens de nacht werd ze ziek. Nu was het moment gekomen om haar te laten inslapen, nu had ze pijn, en dat wil je niet. We hebben haar tussen ons in genomen en stilaan werd ze rustiger. ’s Morgens rond 7u30 belden we met Ann. Zijzelf kon niet komen, ze zat in Gent op cursus. Het gesprek verliep vrij emotioneel, ook al omdat Ann een boontje had voor Spike. Haar vriend Wim Vrancken, ook dierenarts, zou om 9u00 langs komen. Hij kende Spike ook al een tijdje. Ze wenste ons nog veel sterkte.

Onze zonen zijn beide die ochtend rond 8 uur nog langs gekomen. Spike reageerde nog redelijk goed. Ze kwam recht, kwispelde zoals gewoonlijk wachtend op de aai die zou volgen. Daarna ging ze weer liggen. Een aai over haar kopje, een blik naar de papa, tot straks mams, meer werd er niet gezegd. Zonder woorden vertrokken ze weer. Ook zij hadden het verdomd moeilijk. We zijn toen bij Spike op de canapé gaan zitten. Ze is toen dicht tegen ons aan gekropen, heeft haar hoofdje in mijn handen gelegd, en met een diepe zucht zachtjes heengegaan. Het was vrijdag 8 april om 8u20. Wim was om 9u zoals afgesproken bij ons en kon alleen maar constateren dat ze vredig heen was gegaan. Hij was in zekere zin opgelucht dat ze toch op natuurlijke wijze was gestorven. Ook al weet je dat het laten inslapen de juiste beslissing is, valt het emotioneel heel zwaar het uiteindelijk te moeten doen.

Haar overlijden heeft ons doen beseffen hoe belangrijk ze in ons leven is geweest. Het gemis is groot. De kleine dingen die 10,5 jaar als vanzelfsprekend waren, zijn plots weg. Het is nu koud en stil in huis. Het verdriet om haar dood was zo groot, mijn gevoelens waren moeilijk te verwoorden. Ik heb toen een paar boeken gelezen over het verlies van een huisdier en over rouwverwerking. Antwoorden over wat ik voelde, en niet onder woorden kon brengen, vond ik toen terug in verhalen van mensen die, in een boek gebundeld, vertellen over hun ervaring met het verlies van een huisdier. Bij het lezen van al die aangrijpende verhalen vloeien er tranen maar tegelijk groeit het besef dat je niet alleen bent met je verdriet. Het geeft een zekere steun.

Het verhaal van Spike was een op meerdere vlakken een bijzonder verhaal. Het was een verhaal van zoeken, een verhaal van hoop, een verhaal van vreugde, een verhaal van verdriet, een verhaal van respect voor het leven en voor de dood. Ik ben bijzonder blij dat ik als dierenarts mocht deel uitmaken van dit verhaal. Spike is zo een diertje dat een stempel achterlaat op je ziel als dierenarts.

Op 8 april 2012 één jaar na haar heengaan zijn we voor het eerst terug gaan wandelen in haar bos, op de paadjes waar ze zoveel heeft gelopen. Het was niet makkelijk, doch gaandeweg ga je meer de herinnering aan die mooie momenten bovenhalen en maken de tranen plaats voor een glimlach.

Om haar te bedanken voor haar liefde en trouw, voor alle mooie momenten en de levensvreugde die we met haar mochten beleven, wilden we iets terugdoen. Daarom hebben we een voettocht naar Assisi ondernomen. Tevens kunnen we hiermee haar heengaan een mooi plaatsje geven.

Het verhaal van Spike staat aan de wieg van het Belgisch Kankerfonds voor Dieren. Op die manier leeft de nagedachtenis van Spike door in een bijzonder initiatief.

We hopen dat vele mensen, baasjes, enige troost of reflectie kunnen vinden in dit verhaal.